Oude Testament

Nieuwe Testament

Deuteronomium 34:7-10 Het Boek (HTB)

7. Mozes was honderdtwintig jaar oud toen hij stierf, maar zijn ogen waren nog goed en hij was nog net zo sterk als een jonge man.

8. Het volk Israël rouwde dertig dagen om hem op de vlakte van Moab.

9. Jozua, de zoon van Nun, was vervuld met de Geest van de wijsheid, want Mozes had hem de handen opgelegd. Daarom gehoorzaamden de Israëlieten hem en leefden volgens de wetten en regels die de Here Mozes had gegeven.

10. Er is daarna in Israël nooit meer een profeet zoals Mozes geweest, want de Here sprak met hem van aangezicht tot aangezicht.

Lees verder hoofdstuk Deuteronomium 34